Tandarts krijgt dikke 8 van patiënt

Nederlanders
zijn erg tevreden over hun tandarts. Die krijgt van zijn patiënten gemiddeld
een 8,8 voor de vakkundigheid. Ook de persoonlijke aandacht van de tandarts
tijdens de behandeling en de behandeling zelf worden met datzelfde cijfer hoog
gewaardeerd. Dat blijkt uit gegevens van klanttevredenheidstool
Patiëntenvertellen.

Bejegening scoort het hoogst
In totaal namen tussen 2013 en 2018 bijna 71.000 patiënten deel aan een enquête. Zij kregen die van hun tandarts naar aanleiding van een periodieke controle of behandeling. Het hoogste cijfer geven de deelnemers voor de bejegening door hun tandarts, een 8,9. Hetzelfde geldt voor de hygiëne tijdens de behandeling. De uitleg over de behandeling krijgt een 8,5. De informatie over de kosten wordt met een 7,7 gewaardeerd.

Initiatief van de KNMT
Patiëntenvertellen is voortgekomen uit de vroegere patiëntenenquête van de KNMT, de beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen. Klantenvertellen biedt deze vragenlijst nu met goedkeuring van de KNMT aan tandartsen aan om klanttevredenheid te meten. Patiëntenvertellen is erkend door het Kwaliteitsregister Tandartsen (KRT).

Leren van ervaringen
De KNMT ziet Patiëntenvertellen als een manier voor tandartsen om kennis te nemen van de ervaringen van hun patiënten en de kwaliteit van hun zorg waar mogelijk te verbeteren. Jaarlijks publiceert de KNMT de geanonimiseerde uitkomsten van de patiëntbeoordelingen op de website staatvandemondzorg.nl.

Wereld Astma Dag: Nieuwe ademtest voor peuter kan longschade voorkomen

Met financiering van het Longfonds is het beslissende vervolgonderzoek gestart om de astma-ademtest voor peuters in de praktijk te brengen. De nieuwe ademtest kan al op de leeftijd van twee jaar de diagnose astma geven, zodat op tijd de juiste behandeling kan worden ingezet. Dit kan veel longschade op latere leeftijd voorkomen. Nu kan een astma-diagnose pas vanaf zes jaar worden gesteld. Het Longfonds start op Wereld Astma Dag (7 mei) een donatie-campagne om de continuïteit van het vervolgonderzoek te waarborgen.  

Is het astma of ‘gewoon’ een virusje? Bij jonge kinderen is dat moeilijk te bepalen. Zo ook bij Gijs (6) die in het campagnefilmpje van het Longfonds te zien is met zijn ouders. Gijs heeft al sinds zijn tweede astma. Alleen weten we dat pas sinds kort. Kinderen zoals Gijs krijgen niet altijd de juiste behandeling met mogelijke longschade als gevolg. Kinderlongarts Edward Dompeling van het Maastricht UMC+ wil daar verandering in brengen met zijn speciale ademtest.

Nu is het nog niet mogelijk om bij peuters astma vast te stellen. Dompeling: ‘Pas op vijf- à zesjarige leeftijd hebben we zekerheid. Tot die tijd krijgen kinderen met astma daardoor niet altijd de juiste medicijnen of te weinig van een medicijn. Dat is een groot probleem, want zo kunnen hun longen schade oplopen.’

Bijwerkingen
Waarom krijgen niet alle kinderen die hoesten en piepen voor de zekerheid medicijnen tegen astma? Dompeling: ‘Omdat de medicijnen bijwerkingen hebben. Kinderen die ontstekingsremmers krijgen, kunnen bijvoorbeeld minder goed groeien. Bij gebruik van luchtwegverwijders kunnen kinderen last hebben van hartkloppingen, trillende vingers, hoofdpijn, slapen ze slechter en laten ze vaker druk gedrag zien. We geven deze medicijnen dus liever pas als we zeker weten dat ze echt nodig zijn en ook echt helpen.’

Mondmaskertje
Op oudere leeftijd kan een longfunctietest meestal wel bepalen of iemand astma heeft. Maar hiervoor moet je hard in een apparaat blazen, en dat kunnen jonge kinderen nog niet op commando. Met financiële steun van het Longfonds ontwikkelden Dompeling samen met zijn collega’s daarom een andere manier om de allerkleinsten op astma te testen.

‘Met behulp van een mondmaskertje vangen we de adem van jonge kinderen op. Ze hoeven hierbij niet te blazen, maar kunnen gewoon rustig doorademen op de schoot van hun ouders, terwijl we ze afleiden met een spelletje of filmpje. De lucht die ze uitademen, komt in een ballonnetje terecht en hecht zich aan een buisje met koolstof. Daarna meet een speciaal apparaat hun ademstoffen.’ Kinderen met astma hebben namelijk dezelfde soort ontstekingsstoffen in hun adem.

Nog niet in de praktijk
Helaas voor kinderen zoals Gijs gebruiken artsen de ademtest nog niet in de praktijk. Eerst moet de werking definitief worden bewezen. Het Longfonds financiert vervolgonderzoek met nog eens tweehonderd kinderen, die allemaal de ademtest doen. Bij de helft van deze kinderen horen de ouders en artsen direct de uitslag. Wie in die groep astma blijkt te hebben, krijgt vervolgens de nodige medicijnen. De andere helft krijgt de standaard behandeling en hoort pas op latere leeftijd de uitslag. ‘Dat is misschien sneu, maar het is de beste manier om aan te tonen hoe goed de ademtest werkt’, legt Dompeling uit. ‘Vergeet niet dat er op dit moment duizenden Nederlandse kinderen zijn met klachten die ook de standaard behandeling krijgen.’

Grote vooruitgang
Michael Rutgers, directeur van het Longfonds, vindt de ademtest een grote vooruitgang als het vervolgonderzoek de goede werking bevestigt. ‘Juist kinderen met longen in ontwikkeling, moeten zo vroeg mogelijk een correcte diagnose krijgen voor een optimale behandeling en om schade te voorkomen.’

Het duurt nog zeker vijf jaar voordat het onderzoek is afgerond en artsen de ademtest kunnen gebruiken. Maar Edward Dompeling heeft alle vertrouwen dat de test goed werkt en ervoor zal zorgen dat kinderen met astma direct de juiste behandeling krijgen. ‘Dat is niet alleen belangrijk voor het kind zelf, maar ook voor de ouders. Want het is heel naar als je niet precies weet wat er met je kind aan de hand is.’

Relatie tussen nachtrust en ADHD: Helpt beter slapen bij ADHD?

Nederlandse onderzoekers van Onderzoeksinstituut Brainclinics in Nijmegen en PsyQ, Kenniscentrum ADHD bij volwassenen in Den Haag, ontdekten dat er een opvallend verband is te leggen tussen licht, slaap en ADHD, zo valt te lezen in twee recente wetenschappelijke publicaties. Zij publiceerden een studie waaruit blijkt dat ADHD een oorzaak of juist een gevolg kan zijn van een verstoord slaap-waak ritme. Dit nieuwe inzicht kan van groot belang zijn bij de behandeling van ADHD.

Slaap is belangrijk
Drie van de vier volwassenen en kinderen (±75%) met ADHD vallen moeilijk in slaap. 
Deze slaap-waak stoornis heeft grote gevolgen voor gezondheid, concentratie en dagelijks functioneren: als je langer wakker ligt ontwaak je de volgende dag minder fris, de vermoeidheid neemt toe, en school- of werkprestaties verminderen.

Slaap-waak ritme en slaapdruk
De oranje lijn in figuur 1 laat zien hoe tijdens de dag de vermoeidheid, ofwel slaapdruk, steeds toeneemt. Als je gaat slapen neemt die vermoeidheid weer af. Idealiter lopen de slaapdruk en biologische klok, ofwel slaap-waak ritme (roze lijn), synchroon.

Figuur 1: Bij normale slaap is de verhouding tussen slaapdruk en het slaap-waak ritme optimaal. Bij een vertraagd ritme (stippellijnen) komen deze processen steeds verder uit elkaar te liggen (blauwe lijnen): het wordt moeilijker om in slaap te vallen, en overdag neemt de vermoeidheid sneller toe.

Hoe het slaap-waak ritme verstoord kan raken
Melatonine, het “nachthormoon”, speelt een belangrijke rol bij de regulering van het slaap-waak ritme. De hoeveelh­­eid melatonine die je lichaam aanmaakt wordt bepaald door de hoeveelheid blootstelling aan daglicht. Aan het eind van de dag, als het daglicht afneemt, maak je -wanneer storende factoren geen rol spelen- meer melatonine aan, en dat maakt slaperig. Als storende factoren kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het gebruik van moderne media. Schermen van tablets en smartphones, maar ook ledlampen, verspreiden blauw licht, dat in hetzelfde spectrum valt als daglicht. Als je daar ’s avonds gebruik van maakt stelt het lichaam de aanmaak van melatonine uit. Het gevolg: je slaapt later in (slaapvertraging), en omdat je wekker (je dagelijkse verplichtingen) toch op de normale tijd af gaat, slaap je korter. 

De gevolgen van een (te) korte nachtrust (slaaprestrictie) worden vaak onderschat, maar het resultaat van een paar weken iedere nacht een paar uurtjes minder slapen is vergelijkbaar met 48 uur aan een stuk wakker blijven (slaapdeprivatie), met alle negatieve effecten die daarbij horen. Anders dan bij slaapdeprivatie is men zich bij slaaprestrictie vaak niet bewust van (bijvoorbeeld) een verminderde concentratie en reactievermogen of andere nadelige gevolgen van te weinig slaap.

Figuur 2: Gevolg van blootstelling aan blauw licht vlak voor het slapen gaan: Er wordt een pad weergegeven waarin blauw licht (zoals in ledlampen en tablets) in de avond de hoeveelheid slaapvertraging vergroot, waardoor de hoeveelheid behaalde slaap negatief wordt beïnvloed, wat uiteindelijk leidt tot een verslechtering van de aandacht en concentratie overdag.

Slaapprobleem als oorzaak en gevolg van ADHD
De functionele en neuro anatomische overlap tussen hersengebieden die betrokken zijn bij aandacht, alertheid en slaapregulatie weerspiegelt de complexe relatie tussen ADHD en slaap. ­­ Een slaapprobleem kan zowel oorzaak, gevolg of intrinsiek kenmerk van ADHD zijn. Als voorbeeld: jonge kinderen die erg moe zijn worden heel druk. Hier is slaperigheid de oorzaak van hyperactiviteit. ADHD kan echter ook juist de oorzaak zijn van inslaapproblemen: bijvoorbeeld last van innerlijke onrust, malen, of drukte in het hoofd. Ook zou het kunnen dat ADHD en slaapproblemen beide voortkomen uit eenzelfde onderliggend probleem.

Overeenkomsten tussen ADHD en slaapstoornissen
Er zijn veel overeenkomsten tussen de symptomen van ADHD en die van slaapstoornissen: problematisch gedrag, leerstoornissen, concentratieproblemen en emotie ontregeling, en vaak versterken de symptomen van ADHD het slaapprobleem, of omgekeerd. Symptomen van ADHD, een vertraagd slaap-waak ritme en slaapstoornissen zijn dus met elkaar verweven. Ze lijken een genetische en etiologische achtergrond te delen en kunnen profiteren van een gemeenschappelijke behandeling. Resultaten van onderzoeken naar een dergelijke algemene behandeling zijn echter nog schaars.

Hoe verhelp je slaapproblemen?
Slaapproblemen als gevolg van stemmings- of angststoornissen kunnen verminderen door de oorzaken aan te pakken. Slaapproblemen door een chaotische levensstijl, zoals kenmerkend voor ADHD, kunnen worden verminderd door de medische en psychologische behandeling van ADHD zelf. Andersom is het verbeteren van de slaaphygiëne ook zeer belangrijk. Dat wil zeggen; geen tablet- of smartphonegebruik in de uren voor het slapen gaan, geen koffie in de avond en het aanbrengen van regelmaat. De voorkeursbehandeling voor slapeloosheid is een cognitieve gedragsbehandeling (CGTi). Dit richt zich onder andere op een goede slaaphygiëne, een goede bed-slaap associatie en ontspanningstraining. CGTi is bewezen zeer effectief voor symptomen van slapeloosheid en verbetering van de slaapkwaliteit, is veilig, heeft geen bijwerkingen en verdient daarom de voorkeur boven slaapmedicatie. Chronotherapie, bijvoorbeeld door toediening van melatonine, heeft zeker op de langere termijn een positief effect op kinderen met ADHD, en dat geldt ook voor neurofeedback.

ADHD-SOM
Verbeterde slaapkwaliteit heeft een gunstige uitwerking op ADHD en het verdient dan ook aanbeveling om hier aandacht aan te besteden bij de behandeling. Daarnaast is ADHD een te algemene term: omdat ADHD zo vaak samengaat met slaapproblemen stellen de auteurs voor om een aparte DSM-5 classificatie voor deze categorie te maken: ADHD-SOM (van somnus, of slaap), waardoor specialisten een veel gerichtere en persoonlijke behandeling kunnen voorstellen.Zie ook: Relatie tussen nachtrust en ADHD: Helpt beter slapen bij ADHD?

Referenties:
Bijlenga, D. Vollebregt, M.A. Kooij, J.J.S Arns, M. (2019) The role of the circadian system in the etiology and pathophysiology of ADHD: time to redefine ADHD? ADHD Attention Deficit and Hyperactivity Disorders DOI:10.1007/s12402-018-0271-z

Arns, M. Vollebregt, M.A. (2019) Time to Wake Up: Appreciating the Role of Sleep in Attention-Deficit/Hyperactivity DisorderJournal of the American Academy of Child and Adolescent Psychiatry Vol.58 Number 4 April 2019 DOI: 10.1016/j.jaac.2018.10.013

Het TENS apparaat verlicht pijn

Het TENS apparaat verlicht pijn bij niet-sporters met pijnlijke spieren

Je neemt het je keer op keer voor: vanaf nu ga je regelmatig sporten. Maar na het een aantal keer volgehouden te hebben valt dat goede voornemen in duigen en wordt je de keren dat je wel gaat wakker met één ding: spierpijn. Dan kun je wel wat hulp gebruiken. Want wat verlicht pijn bij jou? Grijp niet meteen naar pijnstillers, maar laat het er ook niet bij zitten. Gebruik het TENS apparaat: dat verlicht pijn in zere en vermoeide spieren.

Sport voor jou geen verademing? Dit is je redding

Voor sommigen is sporten een verademing, voor anderen een opgave. Val jij in de laatste categorie? Dan herken je bovenstaand scenario maar al te goed. Armen die de dag erna voelen als lood. Benen waarmee je jezelf nauwelijks de trap op sleept. Je leven voelt zwaar na een te heftige training. Het is in je te waarderen dat je het steeds weer probeert en met enthousiasme begint, maar de nasleep is voelbaar en heftig. Je redding is het TENS apparaat. Dat verlicht pijn in je pijnlijke spieren.

Het TENS apparaat verlicht pijn in vermoeide spieren

Waarom een TENS apparaat zo’n uitkomst voor je is? Het verlicht pijn op iedere gewenste plek. Van je zere armen tot je pijnlijke rug, en van je zware benen tot je gepijnigde buik. Je spieren kunnen wel wat verlichting gebruiken. Pijnstillers kun je, net als andere, minder succesvolle methoden, opzij schuiven. Het TENS apparaat werkt en doet wat het beloofd.

Dankzij
elektroden behandel je de juiste spieren

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is tensapparaat.jpg

Hoe werkt het TENS apparaat? Het apparaat wordt met behulp van elektroden op je lichaam bevestigd. Door het instellen van een frequentie kun je zelf bepalen hoeveel pijnbestrijding je op dat moment nodig hebt. Door de elektroden daar te plakken waar het echt pijn doet kun je de pijnbestrijding heel gericht toepassen. Na iedere training is het TENS apparaat opnieuw te gebruiken, en door de elektroden kan het doel elke keer veranderd worden. Heb je bovendien de ene keer meer pijn dan de andere keer? Verander de frequentie en doseer je pijnbestrijding naar jouw persoonlijke behoefte. Het apparaat verlicht pijn, iedere keer en in hoeverre jij dat wilt.

Vaker naar de
sportschool? TENS helpt je en verlicht pijn

Wie weet helpt het TENS apparaat je zelfs wel vaker de stoute sportschoenen
aan te trekken of de sportschool binnen te stappen. Want wat is fijner dan
snel(ler) herstellen van een (heftige) sportsessie? Dankzij het TENS apparaat
kun je vooral de positieve kanten van het sporten gaan ervaren en breng je
minder tijd door met de pijnlijke en negatieve kanten. Bovendien maakt het
apparaat de drempel minder hoog. Heb je achteraf last van pijn dan heb je
altijd iets achter de hand om het te lijf te gaan. TENS verlicht pijn na iedere
sportsessie.

Ideaal voor
niet-sporters die de stoute sportschoenen vaker willen aantrekken

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is tens-apparaat-1.jpg

Het TENS apparaat is ideaal voor niet-sporters. Het verlicht pijn en helpt je sneller weer op de been te zijn. Hierdoor ervaar je de positieve kanten van sporten zonder dat de negatieve kanten in je oren nadreunen. Het geeft je de kans om bij te komen na een niet-regelmatige sportsessie en helpt je om je sportschoenen niet aan de wilgen te hangen, maar steeds weer aan te trekken. Het TENS apparaat verlicht pijn en jij durft het elke keer weer aan. Wanneer ga jij weer sporten?

Meer informatie over pijnbestrijding kun je vinden op de website van
verlichtdepijn.nl

EU-subsidie voor schildkliercentrum

Schildkliercentrum

ATHENA, een onderzoeksproject waarbij het Erasmus MC Schildkliercentrum een grote rol speelt, krijgt een Europese subsidie van € 6,5 miljoen.Het consortium onderzoekt de effecten van stoffen in het milieu die een hormoonverstorende werking op de schildklier hebben.

Ontwikkeling

Schildklierhormoon is cruciaal voor een normale hersenontwikkeling. Het is bekend dat kleine verstoringen van het schildklierhormoon tijdens de zwangerschap gerelateerd zijn aan een lager IQ en een verhoogd risico op aandoeningen als autisme en ADHD bij het kind. Het ATHENA-project, dat wordt geleid door Brunel University in Londen, heeft als doel om methodes te ontwikkelen waarbij eenvoudig kan worden vastgesteld welke stoffen de potentie hebben om de ontwikkeling van de hersenen van het ongeboren kind te schaden.

Placenta

“Het Erasmus MC Schildkliercentrum krijgt bijna € 800.000 voor onderzoek waarbij onder andere onderzocht wordt hoe stoffen de opname van schildklierhormoon over de placenta en in de foetale hersenen kunnen blokkeren“, vertelt Robin Peeters, internist-endocrinoloog. “Ook zullen we nauw samenwerken met verschillende onderzoekers uit het bekende Rotterdamse Generation R-onderzoek. Daarbij gaan we kijken naar welke stoffen de schildklierfunctie tijdens de zwangerschap kunnen beïnvloeden, en wat dit betekent voor de ontwikkeling van het kind.”

Start

Het project is gestart met een door de Europese Commissie georganiseerde bijeenkomst in Brussel eind januari, samen met de onderzoeksgroepen van andere gehonoreerde onderzoeksprojecten op dit gebied.

Recordbedrag van ruim 1,8 miljoen euro voor Spieren voor Spieren

Op zaterdag 6 april werd tijdens de 15e editie van het succesvolle Spieren voor Spieren Gala een recordopbrengst van maar liefst 1.887.279,50 euro opgehaald. Het goede doel gaat de opbrengst investeren in wetenschappelijk onderzoek, diagnose, behandeling en zorg ten behoeve van kinderen met een spierziekte. Het prestigieuze gala werd gepresenteerd door Dione de Graaff en vond plaats in het Scheepvaartmuseum te Amsterdam. Op het gala waren vele prominenten aanwezig uit het bedrijfsleven en de sportwereld, zoals de hoofdambassadeur van Spieren voor Spieren Sven Kramer en ere-ambassadeurs Truus en Louis van Gaal en beschermheer Ronald de Boer. 

Traditiegetrouw organiseren goede doelen veilingen. Echter, tot grote verrassing van de gasten, had Spieren voor Spieren een vernieuwend fondsenwervend concept gekozen, waarbij iedereen kon winnen. Aanwezigen maakten kans op spectaculaire prijzen, waaronder een schaatsclinic van Sven Kramer, een helikoptervlucht met Danny Blind, golfen met Marco van Basten, een ontmoeting met Max Verstappen of een plek in de ploegleidersauto van Jumbo Visma tijdens een etappe van de Tour de France. Misschien wel de mooiste prijs van de loterij was een verblijf met 10 gasten op een super de luxe jacht. De geslaagde avond was mede te danken aan de optredens van Trijntje Oosterhuis en Ali B.  

Spieren voor Spieren
In Nederland leiden 20.000 kinderen aan een spierziekte. Sporters begrijpen als geen ander het belang van goed werkende spieren. Het motto van Spieren voor Spieren is dan ook “gezonde spieren voor zieke spieren”. Mensen die in actie komen voor Spieren voor Spieren organiseren fondsenwervende acties die vaak een link hebben met sport. Denk aan hardloopevenementen, zwemtochten maar ook spinningmarathons. Geld dat is opgehaald wordt besteed aan het Spieren voor Spieren Kindercentrum van het UMC Utrecht. Hier kunnen kinderen terecht voor de beste diagnose, behandeling en zorg. In de afgelopen 10 jaar zijn hier ruim 4.000 kinderen met een spierziekte geholpen. Spieren voor Spieren financiert tevens wetenschappelijk onderzoek met als doel; alle spierziekten bij kinderen verslaan.

Staatssecretaris Blokhuis start campagne om taboe op angststoornissen te doorbreken

Agorafobie, anxietas, anthropofobie en atychifobie. Dit zijn Latijnse benamingen van enkele angststoornissen die centraal staan in de nieuwe Hey-campagne. Angststoornissen vormen de meest voorkomende psychische aandoening in Nederland. Bijna 1 op de 5 volwassenen krijgt er ooit in zijn leven mee te maken. Toch vinden mensen met angstklachten het lastig hierover te praten door schaamte en zelfstigma. Om het gesprek over angst- en paniekklachten op gang te brengen, start staatssecretaris Blokhuis (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) vandaag de campagne ‘Hey! Het is oké, maak het bespreekbaar’.

Blokhuis: “Het is belangrijk dat mensen open durven te zijn over psychische klachten, zoals depressie en angststoornissen. Een gesprek met vrienden, familie of je werkgever kan een stap zijn naar de juiste hulp. Soms is erover praten al genoeg, maar er zijn ook mensen die professionele hulp nodig hebben. Hoe eerder je er bij bent hoe groter de kans dat je klachten minder zwaar worden. Daarom moeten we het taboe daarop doorbreken en dat begint vaak met een simpele vraag: Hey…?” 

Jongeren en vrouwen

Vrouwen ontwikkelen vaker een angststoornis dan mannen (resp. 12,5% bij vrouwen tegenover 7,7% bij mannen). Vaak ontstaan angststoornissen al op jonge leeftijd, vanaf 15 jaar (bron: Trimbos Instituut, NEMESIS-2). Uit een recente peiling blijkt eveneens dat mensen met (signalen van) een angststoornis minder last hebben van hun stoornis wanneer zij hierover praten (resp. 48,1% jongeren 16-25 jaar en 52% vrouwen 18-45 jaar). Het zorgt ook voor meer begrip uit de omgeving van bijvoorbeeld vrienden en familie (zegt resp. 59,9% van de jongeren en 63,9% van de vrouwen). Ook zij kunnen een belangrijke rol spelen in het bespreekbaar maken door ernaar te vragen bij signalen.

De angst die je draagt, hoef je niet te verbergen

Voor de campagne zijn verschillende T-shirts ontworpen met de Latijnse benaming van veel voorkomende angst- en paniekstoornissen. Dit maakt mensen nieuwsgierig naar de betekenis. Dat leidt tot gesprekken hierover en daarmee kunnen ze taboedoorbrekend werken. De komende weken laten tientallen mensen letterlijk zien welke angst zij dragen onder het motto: de angst die je draagt, hoef je niet te verbergen. De campagne wordt onder andere gesteund door Marjolijn van Kooten, Dylan Haegens en Ronnie Flex.

Welke partijen doen er mee

Met de campagne ‘Hey! Het is oké, maak het bespreekbaar’ werkt VWS samen met veel partijen die actief zijn op dit terrein, zoals de Angst Dwang en Fobie stichting, MIND, GGD GHOR, Samen Sterk zonder Stigma en verschillende professionals uit de geestelijke gezondheidszorg. Deze campagne maakt deel uit van ‘Hey het is oké’ om praten over psychische aandoeningen te normaliseren en het taboe hierop te doorbreken. Meer informatie is te vinden op .

Nederland verzekert zich van griepvaccin

Nederland is een van de deelnemende landen in een Europese gezamenlijke (voor-)aankoop van een pandemisch griepvaccin.

Minister Bruno Bruins (Medische Zorg en Sport) heeft besloten om mee te doen met de Europese aanbesteding, zodat Nederland goed voorbereid is op een toekomstige grieppandemie. Eens in de zoveel tijd breekt er een pandemie uit, een wereldwijde uitbraak van een nieuw griepvirus. Er kunnen dan veel mensen ziek worden en overlijden, terwijl een vaccin op dat moment nog ontwikkeld en geproduceerd moet worden. Minister Bruins heeft nu samen met 14 andere Europese landen een contract gesloten met producenten Seqirus en GSK, zodat Nederland in geval van een mondiale griepvirusuitbraak gegarandeerd is van tijdige levering van het benodigde vaccin. Nederland is hiermee zo goed als mogelijk voorbereid op een toekomstige grieppandemie.

Tandartsen aan de slag met verminderen regeldruk

Tandartsen zijn een kwart van hun tijd kwijt aan administratie. Om die tijd te bekorten, kwamen vorige week tandartsen, zorgverzekeraars en andere belanghebbenden in de mondzorg bij elkaar in Utrecht. Op uitnodiging van de KNMT, de beroepsvereniging van tandartsen, werkten ze in een zogenaamde schrap- en verbetersessie aan het verminderen van bureaucratie.

Tijdens de sessie passeerde een eerder door de aanwezige tandartsen opgestelde lijst met 9 regels de revue. Samen met zorgverzekeraars, de NZa, de Patiëntenfederatie Nederland en de IGJ werden ze onder de loep genomen: konden ze afgeschaft of verbeterd worden? Doel was om te komen met verbetervoorstellen waardoor de administratieve lastendruk in de mondzorg omlaag kan, en er meer tijd vrijkomt voor de patiënt.

Wolter Brands, voorzitter van de KNMT: ‘Een van de grootste irritaties bij onze beroepsgroep is het proces van het aanvragen van machtigingen. Het nut van het moeten aanvragen valt soms te betwisten, maar ook het proces rondom afwijzingen loopt niet altijd even gesmeerd. Daar hebben we constructief met elkaar over gesproken en nagedacht over verbeteringen.’  In de sessie kwamen ook het patiëntendossier, de jaarlijkse risico-inventarisatie en –evaluatie en de verplichte publicatie van een prijslijst voor materiaal en techniek kwamen aan bod.

Bij alle 9 regels zijn ideeën geformuleerd over hoe ze minder tijd kunnen vergen en hoe het doel dat de regel dient op een andere manier gehaald kan worden. Medio april gaan de deelnemers de definitieve actielijst opstellen, waarna een begin gemaakt kan worden met schrappen en verbeteren.

De door de KNMT georganiseerde schrap- en verbetersessies voor de mondzorg vinden plaats in het kader van de landelijke actie (Ont)Regel de Zorg.

Blokhuis breidt hielprik uit met screening op drie stofwisselingsziekten

Paul Blokhuis.

Vanaf 1 oktober 2019 wordt de screening van pasgeboren baby’s via de hielprik uitgebreid met drie stofwisselingsziekten. Staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS) heeft dat vandaag aan de Tweede Kamer geschreven. Het totale aantal aandoeningen waarop wordt getest met de hielprik komt daarmee op 22. Baby’s hoeven niet extra geprikt te worden voor de uitbreiding van de screening.

Stofwisselingsziekten

Het gaat om drie stofwisselingsziekten waarbij kinderen niet in staat zijn om een bepaald aminozuur (PA, MMA) of vetzuur (CPT1) af te breken. Daardoor bouwen bepaalde stoffen zich te veel op in het lichaam terwijl andere stoffen juist te weinig worden gevormd. Zonder behandeling hebben deze ziekten vaak snel een dodelijke afloop. Maar als het tijdig wordt ontdekt en een patiënt een aangepast dieet volgt, kan iemand vaak juist een normaal leven genieten.

Resultaten echt indrukwekkend

Blokhuis: “Elke ouder weet hoe tegenstrijdig het voelt als je pasgeboren kind in de hiel wordt geprikt. Maar de resultaten zijn echt indrukwekkend. Meer dan 99% van de ouders doet mee. Elk jaar wordt bij 180 tot 190 kinderen een aandoening geconstateerd in het vroegste stadium. Zodat behandeling kan worden gestart en veel leed kan worden voorkomen. Met deze uitbreiding en de uitbreidingen van de hielprikscreening die nog volgen, kunnen we ieder jaar nog 20-40 kinderen extra tijdig de juiste hulp bieden.”

Advies Gezondheidsraad over niet behandelbare aandoeningen

Staatssecretaris Blokhuis heeft advies gevraagd aan de Gezondheidsraad over de diagnostiek van zeldzame aandoeningen waarvoor géén behandeling is. Centrale vragen zijn: hoe kan dit worden verbeterd en welke randvoorwaarden en condities zijn daarbij van belang?

Spinale musculaire atrofie

Ook over de spierziekte spinale musculaire atrofie (SMA) vraagt de staatssecretaris advies aan de Gezondheidsraad. De raad gaat adviseren of SMA ook met de hielprik zou kunnen worden opgespoord.